Een heetwerkwacht is een brandwacht die toezicht houdt bij werkzaamheden met open vuur, vonken of hoge temperaturen, zoals lassen, slijpen, snijbranden en solderen. Dat maakt het ook een rol die anders loopt dan de meeste brandwachtinzetten: de heetwerkwacht is nog aan het werk als de rest van de ploeg al vertrokken is.
Heetwerkwacht is een samenvoeging van twee delen. Heetwerk is de verzamelnaam voor werkzaamheden waarbij vlammen, vonken of hoge temperaturen vrijkomen: lassen, snijbranden, slijpen, solderen, vlamstralen en het werken met bitumenbranders. Wacht is de brandweerterm voor iemand die toezicht houdt op een specifiek risico.
De term is ontstaan in de industrie en het onderhoud, niet in de wet. U vindt heetwerkwacht dan ook niet als functietitel in de Arbowet terug. Wat u wél tegenkomt, is de eis in polisvoorwaarden en werkvergunningen: bij heetwerk buiten een daarvoor ingerichte werkplaats is toezicht verplicht, en die toezichthouder is de heetwerkwacht.
U ziet de term ook los geschreven als heetwerk wacht, of aangeduid als brandwacht heetwerk. Dat gaat over dezelfde functie.
De functie van een heetwerkwacht is het brandrisico van heetwerk beheersen op de drie momenten waarop dat risico bestaat: vóór het werk, tijdens het werk en na het werk.
Vóór het werk loopt de heetwerkwacht de omgeving na. Brandbare materialen weg of afgedekt, openingen en naden gedicht, blusmiddelen op de juiste plek, en de vraag of er iets brandbaars zit áchter de wand waaraan gewerkt wordt. Die laatste is de meest verwaarloosde: vonken reizen door kabelgoten en langs leidingen mee naar ruimtes die niemand in de gaten houdt.
Tijdens het werk houdt hij de vonkbaan en de hitteverspreiding in het oog, houdt hij blusmiddelen binnen bereik en grijpt hij in bij de eerste rook of brandlucht. Hij is niet degene die last of slijpt, want toezicht en uitvoering gaan niet samen.
Na het werk voert hij de nacontrole uit. Dat is de fase die de functie onderscheidt van gewoon opletten.
Omdat isolatiemateriaal, houtresten, stof en achtergebleven vonken uren kunnen smeulen voordat er open vuur ontstaat. In die periode is er meestal niemand meer aanwezig, en juist daardoor kan een smeulhaard ongestoord doorontwikkelen tot een brand die pas wordt gemeld als er rook uit het pand komt.
Het mechanisme is telkens hetzelfde. Een vonk komt via een naad, kabelgoot of leidingdoorvoer in een holle ruimte terecht. Daar ligt materiaal dat niet ontvlamt maar wel smeult. Zonder zuurstofstroom blijft dat proces traag en onopvallend. Zodra er lucht bij komt, bijvoorbeeld doordat een deur opengaat, slaat het om naar open vuur.
Een heetwerkwacht die na afloop nog aanwezig blijft, onderbreekt die keten op het enige moment waarop dat nog met een emmer water kan. Is er wél brand geweest, dan is nacontrole na brand een aparte dienst, gericht op het uitsluiten van herontsteking na het blussen.
Zodra er buiten een daarvoor ingerichte werkplaats wordt gelast, geslepen, gesneden of gebrand op een plek waar brandbaar materiaal aanwezig is of kan zijn. In de praktijk gaat het om:
Industrieel onderhoud aan installaties, leidingwerk en constructies
Bouwplaatsen waar met staal wordt gewerkt
Renovatie en verbouwing van bestaande panden, vooral bij houten constructies of brandbare isolatie
Dakwerkzaamheden met een bitumenbrander
Alle situaties waarin de verzekeraar of opdrachtgever een heetwerkvergunning verlangt
Er is één categorie die er structureel tussendoor glipt: de korte klus. Een enkele snede, één beugel bijlassen, vijf minuten slijpen. Precies bij dat werk wordt de vergunning overgeslagen en blijft de nacontrole achterwege, terwijl de vonk niet weet hoe lang de klus geduurd heeft.
Deze twee worden vaak door elkaar gehaald, terwijl ze verschillende functies hebben. De vergunning bepaalt wát er moet gebeuren. De wacht zorgt dat het gebeurt.
Heetwerkvergunning | Heetwerkkracht | |
Wat is het | Document met de risicobeoordeling en de te nemen maatregelen | Persoon die toezicht houdt op de uitvoering |
Wie stelt op of levert | Opdrachtgever of veiligheidskundige, vaak op eis van de verzekeraar | Brandwachtdienst of eigen bedrijfsbrandweer |
Wanneer actief | Vóór het werk, geldig voor een afgebakende periode en locatie | Vóór, tijdens en na het werk |
Rol bij schade | Bewijs dat de risico’s zijn beoordeeld | Bewijs dat de maatregelen zijn nageleefd |
Onderling | Schrijft vaak de aanwezigheid van een wacht voor | Werkt volgens de maatregelen uit de vergunning |
Voor de dekking bij brandschade zijn ze beide relevant. Een vergunning zonder toezicht laat zich moeilijk verdedigen: er is dan vastgelegd wat er moest gebeuren, zonder dat iemand kan bevestigen dat het ook zo is gegaan. Check daarom altijd wat úw polis precies eist voordat het werk start.
Een heetwerkwacht is een brandwacht met een specifiek aandachtsgebied. Een reguliere brandwacht wordt breder ingezet, bijvoorbeeld bij een storing aan een brandmeldinstallatie, tijdens evenementen of bij open vuur op een filmset.
Het verschil zit in twee dingen. Een heetwerkwacht kent de vonkbaan: hij weet hoe ver vonken reizen bij welke techniek, en waar ze in een specifieke constructie terecht kunnen komen. En hij werkt volgens een tijdlijn die doorloopt na het werk, terwijl de meeste brandwachtinzetten eindigen zodra de activiteit stopt.
Bij De Groot Brandwachten blijft de heetwerkwacht na afloop van het werk aanwezig voor de nacontrole. Niet als optie op de bon, maar als onderdeel van de inzet, omdat de klus zonder die controle simpelweg niet is afgerond.
Wie bij ons een heetwerkwacht inhuurt, krijgt altijd een Rijksgediplomeerd brandwacht. Die achtergrond bepaalt vooral wat er gebeurt in de eerste dertig seconden na de eerste rook: blussen, alarmeren en het werk stilleggen, in de juiste volgorde.
Heetwerk op de planning? Bel 078 645 2257 of vraag vrijblijvend een offerte aan, ook als u nog niet zeker weet of uw klus onder heetwerk valt.
Er is geen artikel in de Arbowet dat een heetwerkwacht bij naam verplicht stelt. De verplichting komt in de praktijk uit twee andere hoeken: uit de polisvoorwaarden van de verzekeraar en uit de heetwerkvergunning van de opdrachtgever. Daarnaast volgt uit de algemene zorgplicht in de Arbowet dat u maatregelen moet nemen tegen brandgevaar dat u kunt voorzien.
Nee. Toezicht en uitvoering gaan niet samen. Iemand die last, kijkt door een donker vizier naar een klein punt en ziet niet waar de vonken landen. Bovendien kan hij niet tegelijk blussen en werken. In de meeste heetwerkvergunningen is dit expliciet uitgesloten.
Een inzet wordt doorgaans per uur of per dagdeel gerekend, met de nacontrole erin verwerkt. De afweging is vooral relevant bij korte klussen, waar de kosten van de wacht verhoudingsgewijs hoog lijken. Weeg dat af tegen het eigen risico en de dekkingsvoorwaarden van uw brandverzekering, want een geweigerde uitkering na een lasbrand valt in een andere orde van grootte.